70 jaar Goffertpark
Al een tijdje geleden (8 juli jl.) werden er diverse activiteiten in het Goffertpark gehouden omdat dit prachtige park 70 jaar bestaat. Ik word er wat weemoedig van, ik ben dan wel van de na-oorlogse generatie, toch kreeg ik de geschiedenis van de aanleg mee. Mijn vader, als rasechte nijmegenaar uit het Willemskwartier wist er alles van. Bittere armoe, zeker ook in de buurt waar hij opgroeide. Mijn vader was de middelste van 9 kinderen, zijn vader was smid, wat je nu zou noemen een ZZP’er. Maar veel geld was er niet in te verdienen. Mijn vader vertelde dat hij als jongen altijd honger had,; altijd op zoek naar eten. Toch was er in dit gezin nog sprake van een inkomen, zij het niet veel. Dit gold niet voor de buurtbewoners, velen waren werkeloos. En ook al ben je nu ook slecht af, als je vanwege de huidige crisis je baan verliest, toen was het nog beroerder . Per dag moest je je twee keer melden, want je mocht per ongeluk eens een centje (zwart) kunnen bij verdienen. Om een gedeelte van die werkelozen van werk te voorzien, werd het idee geboren om een volkspark aan te leggen. Dit werd in meerdere grote steden aangelegd, zo ook in Nijmegen. Voor een paar gulden per week per werkkracht werd er gegraven. Niet met machines, dat mocht niet,. Men nam de schop ter hand. Ook werkeloze kantoorbediendes moesten graven, zij die alleen een (kroontjes)pen in de hand hadden gehad, moesten dit inruilen voor een spade. Het was werken, hard, hard werken. Het park wordt ook nu nog de “bloedkuul” genoemd. Dat 70 jaar na dato.
Als kinderen kregen wij, van onze ouders, een abonnement op het Goffertzwembad, geld voor een vakantie zat er niet in en op deze manier was je de hele zomer onder de pannen. Ik genoot er ook van, samen met mijn broers en zussen. We gingen er lopend naar toe, ’s ochtends heen en aan het eind van de middag weer terug door het Goffertpark. Gevoelig als ik ben voor historie, voelde dit park voor mij meer dan een plek met bomen en een weide. Ik zag de werkelozen zwoegen met een schop in en blaren op de handen en de groeven in het gezicht van de zorgen. En ik wandelde door dit mooie park en hoe het aangelegd werd, was vergeten. Tot ik het programma las over 70 jaar Goffertpark. Toen kwamen de herinneringen naar boven. Het rosarium, waar ik gewandeld heb met mijn eerste liefde, romantisch hand in hand op een bankje , het was er zo stil. Het stadion waar ik als kind altijd naar de vlaggenparade ging, een aanloop naar de Vierdaagse. De weide waar we lagen, omdat we moe waren van het zwemmen en we nog zo’n eind moesten lopen naar huis. Het openluchttheater, zo mooi en eigenlijk zo eenvoudig. Mijn hart ligt hier in het hele park.
Daarom wil ik ook niet dat het TIP (Topsport en Innovatie Park) verhuist naar een andere locatie. Het gaat niet om het verstand, maar om het gevoel. Voetbal en de vlaggenparade moeten in het stadion blijven, ik wil gewoon niet dat er ook maar iets verandert, er verandert al zoveel, laat dit blijven!
Rietje