‘De crux zit ‘m in de dubbele trap’

De Van Schaek Mathonsingel. Het is misschien wel dé plek in Nijmegen waar contrast hoogtij viert. Verder is het slechts één rechte weg tussen het roemruchtige Keizer Karelplein en het troosteloze treinstation. Niet zo heel lang geleden was dit een mooi gelegen singel. Heen- en weerrijdend verkeer op gescheiden wegdelen, met ertussen een groene strook en bomen. Aan de ene kant een aantal schitterende panden en aan de andere kant flatjes. Nu is het anders. Er wordt gebouwd, dus de mooie singel heeft plaatsgemaakt voor een grauwe bouwvlakte. Toch staan er nog een aantal mooie panden. Dat is alleen niet het contrast waar ik op doel.

In één van die panden zit de Kamer van Koophandel. Tot zover klopt het. Althans, als je de KvK associeert met iets positiefs. Het pand doet statisch aan en voor mij als bezoeker voelde de entree goed. Ik besloot onlangs om me in te schrijven als zelfstandige, dus was de opgaande trap een mooie metafoor voor het succes dat ik hoop te behalen. Oog voor het andere had ik niet: ik wilde zo snel mogelijk die inschrijving geregeld hebben. Die inschrijving zelf stelt trouwens niks voor: een formeel vraag-antwoordgesprek, pas door de sleuf, handje schudden en that’s it. En daarna? Euforie. Zoiets is een mijlpaal, voor mij dan. Het contrast gaf me later de klap in het gezicht.

Pas toen ik het pand uitliep, zag ik wat er onder de KvK zat: de diaconie van Nijmegen. Bekvechtende mannen trokken mijn aandacht. Ze stonden er onderling te bakkeleien op de trap naast die van de KvK. De diaconie kende ik al. Een spoedcursus: deze helpt mensen in financiële nood; mensen die elders geen hulp (kunnen) krijgen. De diaconie ziet het als taak om gerechtigheid en barmhartigheid in de samenleving te bevorderen. Ik juich dat van harte toe. Vanuit welke instantie dat gebeurt en of dit een religieuze grondslag heeft, maakt me niets uit. Een mens in nood verdient hulp. Zoiets hoeft in mijn ogen geen rocket science te zijn.

Ik had niet eens door dat ik op het terrein van de KvK schaamteloos stond te observeren. De bekvechtende mannen oogden onverzorgd en stonden opgefokt op een kluitje, wachtend op dat trappetje. Niet die van de KvK, maar het trappetje ernaast. Dit was die onverwachtse rechtse die het contrast me gaf. Ik weet niet hoe daadkrachtig de diaconie is. Ik weet ook niet hoeveel mensen er afhankelijk van zijn. Dat ik dit verschil – trap op voor succes, trap af voor hulp – zo ervoer, weet ik wel. Zo’n contrast spreekt hoop uit. Hoop op die bekvechtende mannen, die misschien ooit, al is het maar metaforisch, die trap op gaan. De trap van de KvK of de trap van ander succes. Simpelweg, omdat iedereen die kans verdient.

Geschreven door Jeroen Schalk. Bezoek ook zijn persoonlijke website