Eindelijk kan ik er over meepraten

Van eindeloos gespannen naar een hallelujah-moment. De kop is eraf, want ik ben voor het eerst in mijn leven bij Starbucks geweest. Dat moest ook wel, want na mijn vorige column werd ik daartoe uitgedaagd. Als een behouden zak bleef ik mijn eigen koffiepruttelaar aanprijzen, maar stond ik wel open voor een bakkie op station Nijmegen. Aangezien het letterlijk koffiedik kijken was of het me wel zou bevallen, besloot ik in te gaan op het aanbod: koffie drinken bij Starbucks. En zo geschiedde.

Dat er aan het einde van de middag een rij tot aan de deur stond, vond ik opvallend. Dat er in de zaak naast Starbucks bijna geen hond zat, vond ik jammer. Het had hetzelfde ‘hip’-gehalte als de veelbesproken koffietent. De rij voor een bakkie troost was bijna net zo imposant als de menukaart. Koffievariaties die ik amper bij naam uitgesproken kreeg, cholesterolverhogende koffietoevoegingen en haast complete maaltijden schreeuwden allemaal het hardst om mijn aandacht te krijgen.

Ik had zoveel keuze, dat ik verlamd raakte en alsnog voor de oorspronkelijke weg koos. Ik ging voor koffie zonder fratsen. En daar ging ik in de fout. De vriend met wie ik was, vertelde ik luchtig dat ik gewoon koffie wilde, waarop een studente omdraaide en me aankeek, alsof ik haar zojuist een pets op haar kont gaf. “Ga jij naar Starbucks voor GEWOON KOFFIE?”, kwam er hoogst verontwaardigd uit. Ik besloot eerlijk met ‘ja’ te antwoorden, maar dit had ik beter niet kunnen doen.

Zelf nam ze een koffievariant die ik twee seconden na bekendmaking alweer vergeten was. Niet uit desinteresse, maar vanwege de naam. Stiekem was ik onder de indruk, dus ik besloot van ‘gewoon koffie’ af te stappen en voor een dubbele espresso te gaan. Dat klonk al iets spannender. Hoe het uiteindelijk smaakte? Prima. Maar na alle Starbucks-verering leek me dat het minste wat ik ervan kon verwachten.

De hoogst verontwaardigde studente was helemaal gelukkig met haar frapu-dinges. Ik herinnerde me dat het op ‘cino’ moest eindigen. Misschien had ik ook zo’n koffiekunstwerk moeten nemen. Misschien dat ik er dan pas echt over kan meepraten. Niet wetende of ik me juist voor mijn voor de hand liggende keuze moest schamen, nam ik de laatste slok van mijn espresso. Simpel: ik ben gewoon heel snel tevreden. Heerlijk. Bijna net zo heerlijk als de koffie, of die nou van Starbucks of van thuis is.

Geschreven door Jeroen Schalk. Bezoek ook zijn persoonlijke website