En dat alles voor de zoveelste Zara
Het kan je niet ontgaan zijn. Op verschillende plekken in de stad liggen wegen open, zijn bouwkundige kraters ontstaan of sieren bouwwerktuigen het straatbeeld. De Van Schaek Mathonsingel – de verbindingsweg tussen het centraal station en het Keizer Karelplein – heeft momenteel meer weg van Ground Zero, de Houtlaan is tijdelijk een veredelde zandweg en Plein 1944, de eens zo gezellige ontmoetingsplek voor mensen van elk kaliber, is onderhand haast geschikt geworden voor mensen die graag bungeejumping willen ondernemen. Het gat is diep, eindeloos diep. Voor de goede zaak, dat zonder meer. Althans, daar gaan we vanuit.
Het bekende plein in de Nijmeegse binnenstad is sinds jaren verwikkeld in een ingewikkelde identiteitscrisis. Jong als ik ben, kan ik me nog heugen dat het plein een betonnen speelplaats was, waar dagjesmensen, skaters en andere belanghebbenden gretig gebruikt maakten van de plek. Daarna werd het simpelweg een grasveld met een pad ertussen. Vooralsnog kan ik de metamorfose niet anders beschrijven. Voor zover ik goed geluisterd heb, wilden mensen in mijn omgeving graag dat Plein 1944 een gezellig park werd. Of die wens ooit ingewilligd zal worden, weet ik niet, maar als het grasveldje van weleer het beoogde park was, houd ik mijn hart vast voor de andere schitterende parken die Nijmegen kent.
Logischerwijs zullen de Van Schaek Mathonsingel en Plein 1944 even aantrekkelijk als functioneel worden. De stad kan niet om de parkeerproblemen heen, dus het aangename zal verenigd moeten worden met het noodzakelijke. Ik klaag niet, want ik begrijp het. De park-illusie heb ik echter niet laten varen, want voor zover ik weet, zal er ook ruimte komen voor ‘veel groen’. Vreemd genoeg lijkt de nabije omgeving ineens om andere zaken verheugd te zijn. Al maanden moet ik van verschillende vrouwen horen – veelal gepaard met hoge, opgewonden stem – dat er misschien dan eindelijk een Zara komt in Nijmegen.
Op zulke momenten probeer ik een grijns te onderdrukken. Niet omdat ik een vestiging van deze winkelketen onzin zou vinden en ook niet omdat ik het vrouwvolk enige vorm van kledinghysterie wil ontzeggen, maar omdat de uitleg meestal als conclusie heeft dat de bouwputten ontstaan zijn voor slechts die ene winkel. Vrij vertaald begrijp ik dus uit het enthousiasme van de dames dat heel Plein 1944 op z’n gat ligt, speciaal voor de komst van de Zara. Ineens is dan de H&M of welke zaak dan ook niet belangrijk meer. Nee, Nijmegen moet voor de winkelende vrouwen beter op de kaart komen, dus is de komst van een Zara een kwestie van leven en dood.
Ik hoop wel dat, wanneer die Zara er komt, vrouwen dankbaar gebruik zullen maken van het assortiment dat de winkel aanbiedt. Veel mannen delen hetzelfde machteloze gevoel, wanneer ze winkelen met een vrouw. Winkel in, eindeloos zoeken, eindeloos passen, eindeloos twijfelen en vervolgens toch maar niets kopen. Ach en wee, hebben alle bouwvakkers bij Plein 1944 dáárvoor zo moeten zwoegen? Nee, ik ben hoopvol. Ik gun de vrouwen hun Zara van harte. Ik maak nog meer kans om de Chinese taal vloeiend te leren spreken, dan dat ik de logica van vrouwen en winkelen begrijp. Ik maak me dus geen moment druk om de Zara of welke winkel dan ook. Het eindresultaat is er wel een waar ik reikhalzend naar uitkijk. Vrouwen hun Zara, ik mijn park-illusie. Prima, hebben we allemaal onze langverwachte ontmoetingsplek.
Deze column is geschreven door Jeroen Schalk bekijk ook zijn persoonlijke website.