Vergetelheid van de herinneringen
De dagelijkse zit in de bus is er een waarbij nadenken niet nodig is. De gebruikelijke in- en uitcheck, een groet naar de buschauffeur en de rit uitzitten. Meer is het niet. Woensdagochtend, halte Beemdstraat, een mevrouw stapt in. De verwarring straalde er vanaf. Haar gezicht verraadde een hoge leeftijd. De buschauffeur reed dan ook pas op het moment dat de vrouw plaatsnam. “Chauffeur, u mag rijden”, kwam er beslist uit.
De mevrouw leunde tijdens haar zit met haar handen op de wandelstok. De glazige blik in haar ogen sprak pure verwarring, alsof ze verdwaald was in haar gedachten. De rimpels waren onmiskenbaar aanwezig, het haar zat in een geforceerde permanent en de kleding was chique, maar in staat van vergane glorie. De vuurrode lippenstift bleek overduidelijk met trillende handen aangebracht te zijn. Uitgeschoten kleuren zaten rond haar mondhoeken. Dit was een dame in pijnlijk verval.
Ik zat te ver van haar af om te horen wat ze mompelde in een niemandsland. Een versplinterde anekdote over de oorlog herkende ik nog net. De mevrouw naast haar besteedde er geen aandacht aan. De verdwaasde blik van de dame werd met de seconde meer zichtbaar. “Ik moet brood hebben”, zei ze ineens harder dan ze waarschijnlijk zelf wilde. Haar gedachten speelden een spelletje met haar. En zij was de verliezende partij.
“Dag chauffeur, dag mensen. Ik ga brood halen”, zei de dame ineens vrolijk gestemd. Een twijfelachtige grimas voltrok zich rond haar mond, waarna ze de bus verliet op het station. Misschien zijn bakkers wel de laatste strohalm, wanneer herinneringen je in de steek laten. Opa sprak ook over brood, op het moment dat zijn gedachten steeds meer verkruimelden. Net als brood. Misschien wordt er nu wel een spelletje met me gespeeld, in gedachten. De dame was inmiddels uit het zicht.
Minuten later liep ik via de In de Betouwstraat. ‘Wie bouwt er nooit eens luchtkastelen?’, vraagt de muur in een aangrenzend steegje aan me. De tekst komt vanuit de belevingswereld van het kind, las ik ooit eens. Zij spelen juist een spelletje met gedachten. Bij de dame werden de spelregels langzaam, maar zeker omgedraaid. Herinneringen verdwijnen in de vergetelheid en de dame verliest het spel; een besef dat ze hopelijk snel weer vergeet.
Geschreven door Jeroen Schalk. Bezoek ook zijn persoonlijke website